geselecteerd als gefixeerd bericht

Hospiteren
Dark Purple gaat op een langdurige queeste en beschrijft de hindernissen op haar pad… hoe hospiteert ze en wie komt ze tegen? Van huiskatten tot sterrenkundestudentes, je vindt het op hospiteren.web-log.nl.

Bezoekers dienen in hun achterhoofd te houden dat dit een mild spottende weblog is, die niet al te serieus genomen dient te worden. Dark Purple doet dat zelf ook niet. Namen zijn over het algemeen gefingeerd. Reacties worden verwijderd wanneer zij niet meer op een inmiddels gewijzigde entry slaan.

14 November 2006
By on 22:17
Studentenadministratie, deel 2

Dankzij mijn reddende engel ***, zie ook de entry “Studentenadministratie”, kreeg ik weer een hospiteeravond voor mijn voeten geworpen: in zijn eigen studentenhuis maar liefst. Dit keer werden de hospitanten opgedeeld in twee groepjes van tien. Ik zat in de late groep.

Ik kwam dit keer in een huis terecht waar ik het verschrikkelijk naar mijn zin had. Toegegeven, dat kan komen omdat er veel informaticastudenten waren en een interessante oosterse jongen, maar aangezien ik zelf natuurkunde ga studeren en mezelf Japans probeer te leren klikte het dus zeker. Ik kwam iets te vroeg aan en voerde vervolgens een gezellig gesprek over alternatieve studentenverenigingen en mijn vorige pogingen tot hospiteren, maar ook over de Japanse grammatica, pyjama’s en roeien als studentensport.
Toen het donkerder begon te worden kreeg ik, samen met het tweede groepje dat ondertussen compleet was, een rondleiding door het werkelijk fantastische huis (hoge plafonds en inbouwkasten! een muur vol ramen en gratis gordijnen! een huisserver en schone koelkasten! twxe9xe9 kamers die vrijkwamen, dus meer kans!). Het was een huis zonder veel verplichtingen, gezellig (zonder dit als verboden woord te noemen), open, vriendelijk. Ik begon over mijn zelfgemaakte documentaire over quantumtunneling, sprak openlijk mijn zenuwen uit – had ik wel met genoeg mensen gesproken dit keer? – en had lol met een student taalwetenschappen die dit keer voor het eerst kwam hospiteren.

Op de terugweg hield ik mijn telefoon in mijn rechterhand geklemd, maar het mocht niet baten. Volgende keer beter? Het kxf3n niet beter…

12 August 2005
By on 13:24
Idols

Op het aanraden van verschillende mensen, besloot ik eens extra mezelf te zijn op een hospiteeravond. Dus noemde ik met trots mijn natuurkundeinteresses op, mijn afkeer van urban-muziek, heftige dansfeesten en al wat dies meer zij, ik toonde zelfs openlijk mijn interesse voor de meest alternatieve studentenvereniging. Ik was vriendelijk doch kritisch over de loshangende draden en de grootte van de keuken, stootte geheel mezelf per ongeluk af en toe iets om en zei dat het me speet. Ik voerde gezellige gesprekken en had het, eerlijk gezegd, best naar mijn zin.

Toch kwam ik uiteindelijk op die datum nog niet eens in de tweede ronde. Het hospiteren, zo bleek, had Idols-proporties aangenomen. “De volgende vier meisjes nodigen we uit voor een volgend gesprek. De rest, sorry, het ligt niet aan jou…” (En bij dat laatste kreeg ik een vriendelijke, meelij tonende blik).

Als je niet in een huis past, pas je niet bij de mensen die in dat huis wonen. Wil je een kamer krijgen, dan zal je dus een huis moeten vinden met mensen waar je tussen past. Maar komen huisgenoten er binnen twee uur achter of een hospitant hun gelijke is? Ik wil graag van jullie horen wat jullie mening is.

30 July 2005
By on 13:25
Ingezonden

INGEZONDEN HOSPITEERVERSLAG

De trein arriveerde op het station om precies 1817, een paar minuten eerder dan de NS had aangegeven. Mijn zelf samengestelde plattegrond gebruikend kwam ik 21 minuten later aan op de Herengracht, nummer 58 en 60. Na 4 verschillende bellen van nummer 58 geprobeerd te hebben, was het bij de eerste bel van nummer 60 meteen raak. De deur van 58 ging open. Van alle kanten kwamen opeens jongens aangelopen, die ook voor het hospiteren bleken te komen, maar blijkbaar de intentie hadden gehad te wachten tot het 7 uur precies zou zijn geweest. Het huis zocht een mannelijke bewoner.
Onze stoet ging een lange smalle gang door, rechts een oude trap op, en eenmaal boven aanbeland verdween de een na de ander in een donkere, groenachtige ruimte met redelijk meubilair, een vieze TV die nooit werd uitgezet en een even vieze halve keuken. Een gesjeesde student van 29 met een verlopen kop en een sigaret in zijn mond begroette ons als eerste. Daarna volgden een ietwat te dikke minervane (die later aangaf drie keer per week te fitnessen), een andere studente, en tot slot een aantrekkelijke en verzorgd uitziende studente geneeskunde. Allen rookten. Toen de deur even later weer open ging kwam een 5-tal mannelijke medebewoners binnengewandeld, die iedereen een hand begonnen te geven. Na het gebruikelijke saaie vertelrondje mochten we het huis bezichtigen.
De gang was goed in orde. In het achterhuis bleek dat die kwalificatie slechts de gang mocht sieren. De verf bladderde van de muren af, er stonden kriskras door de nu wat ruimere gang kasten met half-open deuren, en een aantal koelkasten dat niet meer gebruikt werd. Alles zag eruit alsof het bij de kringloop vandaan kwam, en er neer was gezet bij gebrek aan opslagruimte. Tegen de ramen boven een deur naar buiten waren afvalzakken te zien, omgeven door witte wormpjes. Toen we bij de kamer aankwamen bleek de deur aan de buitenzijde volgeplakt te zijn met halfnaakte mannen. Dat hadden de omringende vrouwelijke bewoners op hun geweten, want de bewoner van de kamer
was er bijna nooit, en “we willen toch graag regelmatig een man zien”. Het werd ons als nieuwe bewoner verboden de aanplaksels te verwijderen. De kamer zelf was ooit wit geschilderd, en zag er redelijk schoon uit, bij gebrek aan meubilair. Het rook er echter erg muf en vochtig, en het raam was dichtgeschroefd. De gemeenschappelijke keuken, die zich aan de andere kant van de muur bevond, was een grote teringzooi. De kastjes waren volgeplakt met prijsstickers van fruit en groenten uit 1997, en de koelkast was zo vies dat zelfs de huidige bewoners er geen gebruik meer van durfden te maken. Na de rondleiding, die nog meer gedeelten van het huis besloeg, gingen we weer terug naar de groene kamer en begonnen aldaar met het drinken van de door onszelf meegebrachte dranken, en een door de bewoners gekochte krat bier.
Het zgn. “socialiseren” was begonnen. Met iedere bewoner dien je een leuk en interessant gesprek te voeren, waarbij je zelf interessant en actief moet overkomen, en waarbij je niet moet vergeten voldoende interesse aan de dag te leggen voor de betreffende bewoner. Het beste is het zo gewoon mogelijk te zijn, en alleen op te vallen door de dingen die zij graag zien als eigenschappen van de nieuwe bewoner. Het schijnt overigens te helpen als je vertelt dat je een magnetron en een koelkast meebrengt, een troef die ik alleen ga inzetten bij kamers die me bevallen.
Daar valt deze duidelijk niet onder. Ik was blij toen het 5 voor negen was en ik wegkon met het excuus dat ik de trein moest halen. Deze ging namelijk om 2117, en was de laatste trein die mij nog op tijd in Alkmaar zou brengen om de laatste bus naar mijn woonplaats te halen.

24 July 2005
By on 13:47
Quarks

Echt, over de kamer aan het Rapenburg kan ik niet cynisch zijn, er was geen dode schoonmaakster, er waren geen vervelende huisgenoten, het klikte, er was chemistry, en niet alleen in de te oude melk in de studentenkoelkast. Dankzij deze kamer veranderde mijn kijk op het studentenleven en de eeuwige student ten positieve. De mede-hospiteerders zag ik met gemengde gevoelens tegemoet.

Ik heb heerlijk zitten praten met sommigen onder hen, zoals het meisje dat haar vader meenam naar de hospiteeravond, en hem zeer gewaagd in de kamer zelve plaats liet nemen en liet praten met de huisgenoten. Ook het meisje dat Life Science & Technology ging studeren bleek erg aardig en interessant te zijn, achter haar zenuwen. Ik was minder gelukkig toen ik een paar berenworstelaars dacht te onderscheiden, maar goed, come what may.

Ook met de huisgenoten was het erg gezellig, al verminderde ik mijn kansen sterk toen ik een mijzelf bekritiserend grapje maakte over mijn studiekeuze (natuurkunde), terwijl ik al aan de slippers en het verwassen t-shirt tegenover me had moeten merken dat deze huisgenoten een natuurkundestudent in hun midden hadden. In een poging nog wat goed te maken, probeerde ik de student in kwestie nog gerust stellen door de theoretische natuurkunde in het algemeen en zijn afstudeerscriptie in het bijzonder te prijzen tot ik zxe9lf welhaast een quark geworden was. (De scriptie was trouwens xe9cht interessant!)

Helaas viel ik af in deze eerste ronde, maar ik had tenminste een gezellige avond gehad. Misschien moet ik de volgende keer maar gewoon mailadressen gaan uitwisselen, in plaats van naar de kamer te solliciteren…

14 July 2005
By on 15:43
Eend

Wanhopig geraakt door de hoeveelheid Annelottes, voorzitsters van de Jonge Socialisten en meisjes met hetzelfde vergiet als mijzelf op mijn pad, besloot ik eens dichter bij huis te zoeken en klampte een meisje in mijn naaste omgeving aan op zoek naar een Hospita. Het meisje bleek te wonen in een dorpje naast de geweldige studentenstad waarop mijn oog gevallen was, samen met haar Chinese ouders. Uit vriendelijke, Oosterse hospitality die mij deed herinneren waarom ik het Oosten zo fantastisch vond en de Peking Eend van mijn vader keer op keer tolereerde, werd mij een kamer aangeboden, bijna kosteloos, vanaf de maand augustus, op 8 kilometer afstand van mijn faculteit. Dit verminderde mijn reistijd met toch minstens een half uur en, wees eerlijk, wie wil er nu niet stiekem stoxefcijns door het leven gaan? Mocht het goed klikken, dan zou ik daar nog een maand kunnen blijven, en zo voorts.

Omdat de zekerheid van deze aanbieding mij niet ongelooflijk aanstond, zocht ik ondertussen verder. En wat kwam er op mijn pad? Een fantastische, zonnige, ruime, gezellige studentenkamer aan het Rapenburg, de slagader van de studentenwereld. Jxe1! Jxe1! Dat was mij wel een treinkaartje waard. (wordt vervolgd)


By on 15:14
Gezellig

Ondertussen was ik alweer een keer wezen hospiteren, ditmaal in het centrum van de verkozen studiestad, in een leuk huisje aan het water, met een huisboot en – zo bleek later – burenruzies. Maar voordat het zover kwam moesten we allemaal in een kringetje gaan zitten.

Gezellig. “Ja, en het woord gezellig, dat moeten jullie nxedet zeggen hoor, want dat zegt iedereen, haha! Wie wil er een biertje?” Alle potentiele huisgenootjes sprongen enthousiast doch niet te gezellig op en riepen “Ja, ja!” als een uitgedroogde stropdasdrager in de Sahara. “Wat voor biertje?” Toen keken we allemaal even beteuterd op onze neus. “Doe maar wat,” mijn dappere doch niet van studentikoosheid getuigende reactie, werd uiteraard niet beloond met een kamer, maar toch zeker met het beloofde biertje, waar ik – en met mij de helft van de andere hospiteerders – beduidend minder zin in had.

Na het biertje was het tijd voor een vragenrondje. “Wat zou jij meenemen als je zeg maar op een onbewoond eiland met internetverbinding en een supermarkt vast zou zitten en je moest een boek en een cd mee?” was er xe9xe9n van. En natuurlijk “Wat breng jij nou mee, materieel gezien?” Ik wxedst dat ik mijn vergiet op had moeten noemen, maar een ander meisje, weer zo-eentje met een “Ik trek door Australixeb en doe aan worstelen met beren”-attitude en een paardestaart, was me voor. En dan, tot slot, de onsterfelijke vraag: “Wat zou jij doen tegen onze overburen? Ze vallen Frank hier lastig! Hxe8 Frank? *giechel giechel*” (de burenruzie). Mijn antwoord was prompt “Graancirkels knippen in het tapijt van deze onverlaten, of hun ruiten zwart schilderen”. Dat werd goed ontvangen en even dacht ik een kans te maken. Toen was het meisje naast mij aan de beurt.

Naast mij zat, helaas, de voorzitster van de Jonge Socialisten in Amsterdam, en daar kon ik niet tegenop, al had ik luidkeels de Internationale lopen zingen (wat ik, zo wil het lot, af en toe doe, geheel mezelf zijnde, maar altijd vergeet op een hospiteeravond). Zal zij het geworden zijn? De polo’s tegenover haar keken al hongerig naar zo’n buitenkansje, en het “Zullen wij na afloop naar het politiek cafxe9 hier in de buurt gaan?” viel meerdere malen. De worstelen-met-beren-dame en ik dropen af, gevolgd door de rest van de hospiteerders, op naar de volgende studentenkamers en werden nxedet gebeld.


By on 15:05
Spetterende boodschappen

Natuurlijk zijn er niet alleen mismoedige verhalen te vertellen op deze weblog. Tijdens het hospiteren kwam ik ook success-stories tegen met een waar Pinkstergemeente-gehalte. Neem bijvoorbeeld mijn neef, die op zijn eerste tripje naar zijn studentenstad een briefje opgehangen zag worden met “Kamer gezocht”, belde en direct de kamer kreeg tegen een exorbitant hoge prijs, die zijn vader ogenblikkelijk vergoedde. Wonderen gebeuren.

Zelf heb ik een nieuwe poging gewaagd, met een nieuwe spetterende boodschap waarin ik geheel mezelf was. Met de ietwat enthousiastere meisjes in mijn achterhoofd, zoals dat meisje met de magnetron, het metallic blauwe vergiet en ruime ervaringen in Australixeb, zoals het bedeesde, doch grote blauwe ogen opslaande meisje met een achtergrond bij de Jonge Socialisten, en zoals de eenentwintigjarige Antillaanse met een kater, bedacht ik wat aan mij bijzonder genoeg was om me te onderscheiden van de standaardhospiteergroep. Op mij studie Natuurkunde (“Beschrijf jezelf in pi woorden”) besloot ik geen nadruk te leggen. Ook hield mijn boodschap niets socialistisch, australisch of door alcohol gexefnduceerds in (al besloot ik wel mijn eigen metallic blauw vergiet op te noemen). Ik besloot het over een andere boeg te gooien en op te noemen dat ik gedichten schreef.

8 July 2005
By on 19:33
Dode schoonmaker

Het derde huis was prachtig. Aan de gracht, tegenover de schouwburg, makkelijk te bereiken met het openbaar vervoer. Gezellige huisgenoten, die voor de deur van een fles limonade aan het genieten waren en dolenthousiast werden van mijn studiekeuze (nog steeds natuurkunde). Ook de kamer was een juweeltje. Lekker ruim, met een slot op de deur en hoge ramen, met uitzicht op de binnenplaats. Het toilet was om de hoek, net zoals de werkende wasmachine. Om de andere hoek was de keuken.

Nog nooit zag ik zo’n godvergeten aangekoekte koelkast. Aangekoekte koelkasten, moet je weten, zijn zelfs in studentenhuizen schaars, want wat kan er nu aankoeken aan een koelkast? Juist, het moet eerst flink roesten. Ook de gootsteen was inmiddels bedekt met smurrie, de afwas stond nog, die van gisteren, die van eergisteren, die van… nu, je ziet het voor je. Er zaten etensresten op de betegelde muren, op de scheef openhangende keukenkastjes… “De schoonmaakster is in februari overleden, en we zoeken nog een nieuwe. Is dat een probleem?”

16 June 2005
By on 21:21
Studentenadministratie

De volgende kamer die ik vond, stond op een officixeble kamerwebsite. Zo’n officixeble kamerwebsite meldt optimistisch dat de wachttijden in de stad die zij vertegenwoordigd echt wel meevallen. Met twee maanden heb je, als je tenminste actief hospiteert, een kamer.

Optimistisch als ik ben, sprong ik dus meteen op en belde ik actief naar een mij voorheen onbekend telefoonnummer.
“Met ***”.
“Hallo, ik reageer op de kamer van internet”.
“Oh uh, nou, ja, we hebben nog eigenlijk geen datum, maar eh, ik kan ook je gegevens niet opschrijven want ik ben niet thuis…”
“Oh.”
“Eh, kan je me vanavond weer eh, terugbellen?”
“Hoe laat?” God weet wat studenten onder ‘vanavond’ verstaan – ik niet, als aankomend eerstejaars.
“Acht uur ben ik eh, thuis.”
‘s Avonds op dat tijdstip was er natuurlijk niemand thuis, ik kreeg weer *** aan de mobiele telefoon en hij meldde me dat ik morgen maar weer moest bellen.
“Wat als je me gewoon je e-mailadres geeft?” sprak ik, denkend aan de zin van actief hospiteren.
“Maar eh, wat moet je met mijn adres?”
“Daar kan ik mijn gegevens heen sturen.”
“Oh eh, maar ik heb geen pen bij me”
“Ik. Stuur. Mijn gegevens. Naar. Jouw. E-mail. Dan hoef je ze nu niet op te schrijven.”
“Oh, haha, eh, ik snap het.”

Natuurlijk kreeg ik direct een vaag niet-kloppend e-mailadres en vond ik het werkende adres pas na actief zoeken met de zoekmachine op internet. Via enkele kung-fu sites (je hebt geen idee hoeveel mensen plotseling *** heetten) kwam ik terecht op een website die trots vermeldde dat deze jongeman een hoge positie bekleedde in de studentenadministratie.

(Nadat ik eindelijk opgebeld werd door *** op mijn eigen nummer, bleek natuurlijk dat de hospiteeravond op een voor mij onmogelijke datum gehouden werd. *** blijft echter positief en stuurt me nog wel eens een mailtje over waar ik een kamer zou kunnen vinden. Wie weet!)

15 June 2005
By on 10:30